Het rugzakje

“Honden uit het buitenland hebben altijd een rugzakje.”

In mijn beleving heeft iedereen een rugzakje. Daar is toch niks mis mee? Je kunt mij niet vertellen dat je nog nooit iets vervelends hebt meegemaakt. Iets wat je heeft geraakt, heel diep van binnen. Waarbij je voelde dat de wereld even stil stond, zo gekwetst was je. Of iets waarbij je oren suisden, zo boos was je. Of iets waarbij je in de aarde wilde verdwijnen, zo’n pijn deed het.

We maken allemaal dingen mee die een schram geven, die ons (tijdelijk) onzeker maken, die ons een beetje en soms heel erg verwonden. Al die ervaringen dragen we mee in ons rugzakje. Dat is bij honden net zo. Je kunt het ook trauma’s noemen. Want trauma’s zijn overweldigende ervaringen, die invloed hebben op je diepste gevoelens.

Bij de een is het rugzakje meer gevuld dan bij de ander. Zijn er meer prikkels waarmee de hond moeite heeft. Is er sneller gevoeligheid voor bepaalde situaties.

Ik begin steeds meer moeite te krijgen met de uitspraak dat ‘al die honden uit het buitenland getraumatiseerd zijn’. Want met getraumatiseerd wordt dan bedoeld: een zwaar probleem, neurotisch zijn. Beter niet adopteren. Er zit een enorm oordeel op. En dat is niet terecht.

Honden uit het buitenland zijn GOUDEN honden. Dat rugzakje dragen ze, klopt. Jij draagt jouw rugzakje ook. Daar kan je goed mee functioneren. Soms heb je een slechtere dag. Bepaalde dingen triggeren je, die raken je diep, daar zit kwetsbaarheid. Dat heeft een hond ook. Maar je kunt prima dealen met je rugzakje. Soms maak je je rugzak wat leger, heb je geleerd door andere leuke ervaringen dat iets best wel heel erg meevalt. De rugzak wordt wat lichter. Zo kan het ook voor je hond werken. Eerder opgedane slechte ervaringen kunnen verzachten door het opdoen van nieuwe leuke ervaringen. Helpend hierbij is niet uit te gaan van je eigen verwachtingen. Wat je met je vorige hond allemaal kon. Dat is niet reëel, voor jezelf niet, voor je hond niet. Hij is wie hij is.

Is je hond stil, rustig? Laat het stil en rustig blijven voor hem. Is je hond erg druk? Maak het rustiger voor hem, doe minder, geef hem rusttijden. Wil hij niet mee de straat op? Ga de straat niet op. Zondert hij zich af? Laat hem zijn holletje vinden. Geef de stilte om het allemaal tot hem door te laten dringen, laat hem verwerken. Nader zelf niet, laat hem zelf komen.

Kijk vooral naar je hond, hoe reageert hij, wat gebeurt er met hem? Wij kunnen een situatie wel veilig vinden, maar voor je hond kan het rete spannend zijn. Vaak zijn dit honden die loepzuiver en gevoelig zijn. Geef ze de ruimte om zelf stappen te zetten. Onder jouw veilige vleugels.

Voor mij is een hond in huis nemen synoniem met het aangaan van een relatie. En de relatie stel ik centraal bij alles wat ik doe. Schaadt het de relatie? Of is het ok wat ik vraag? We leren elkaar kennen, dat vraagt tijd. Ik geef mijn grenzen aan bij dingen die ik echt onprettig vind, dat doet hij ook. Ik wacht op een reactie voordat ik iets voor een tweede keer vraag, ik weet gewoon nog niet wat er in dat bolletje omgaat. Ik eis niks, het gaat niet om gehoorzaamheid van mijn hond, of hij doet wat ik wil. Ik hoef hem niet te veranderen, wel probeer ik hem te helpen anders met situaties om te gaan.

Ik heb zelf drie honden uit het buitenland. Allemaal met verschillende ‘slechte’ ervaringen in dat rugzakje. Alle drie moesten op een andere manier benaderd worden. En weet je wat? Rakker die de geluiden op straat heftig vond, erg schrok van brommers, op de stoep lopen niet prettig vond, zelfstandig aan de wandel ging, achter de paarden aanjoeg, als een speer verdween bij het ruiken van wild, loopt heerlijk relaxed mee en blijft bij de groep.

Loeki die doods en doodsbang was voor alles en iedereen, die met haar staartje tussen de poten de eerste weken buiten een paar stapjes zette, maanden geen contact wilde, niet aangeraakt wilde worden, ergens in huis alleen in een hoekje lag, zich elke keer onderdanig neer liet vallen als je bij haar in de buurt kwam, schrok van een luidere stem, loopt nu als een zelfverzekerde tante rond en rent uit zichzelf naar mannen toe om even kennis te maken (haar grootste angst was mannen).

JB. Een explosief vat. Heel veel slechte ervaringen in zijn rugzak. Ook een bomvolle rugzak. JB was overprikkeld, viel uit naar honden, joggers, fietsen, brommers, auto’s, mensen. In zijn vorige thuis rende hij langs de haag heen en weer, naar alles en iedereen blaffend, ook in huis. Hij at slecht, wilde vaak helemaal niet eten. Aan de lijn lopen was een ramp, vlakbij je lopen vond hij doodeng, gaf je hem 5 meter trok hij je mee. Geen contact mee te krijgen buiten.

Nu kijkt hij niet eens meer naar fietsers, brommers, auto’s. Die kunnen vlak langs hem passeren, geen enkel probleem. Mensen benadert hij voorzichtig, racet er niet meer als een gek naartoe. In huis en tuin blaft hij niet naar passerende mensen en honden. In de auto kunnen honden vlak langs lopen (voorheen vloog hij bijna door de ramen). Hij loopt naast me als ik dat vraag, trekt niet, voegt zich. Hoe dit kan? Door me in te leven in zijn situatie. Wat gebeurt er met hem? Wat motiveert hem om dit te doen, welke emotie laait hoog op? Door goed te kijken naar zijn stresslevel en elke keer opnieuw de rust trachten te creëren in een situatie. Door langzaamaan grenzen duidelijk te maken. Kijken of hij begreep wat ik bedoelde en zo niet, waar ligt dat aan. Aan mij? Aan zijn stresslevel? Aan de moeilijkheidsgraad van de situatie? Zo hebben we samen geleerd, zijn we samen gegroeid. Naar elkaar toe.

Ik ben er van overtuigd dat iedere hond, hoe vol de rugzak ook zit, de rugzak leger kan maken. Samen met jou. Zodat hij niet meer zo’n zware last hoeft mee te dragen .